Recensie Zonder opgaaf van redenen

Rick van der Made, dichter en columnist uit West-Brabant, schreef een recensie over ‘Zonder opgaaf van redenen’ van Hans F. Marijnissen.

Hans F. Marijnissen (Breda, 1949) uit Eindhoven is een goed dichter. Hij beheerst de regels van het taalspel, of deze nu vorm, mannelijk of vrouwelijk rijm, metrum, dactylus of drempeldicht beslaan.

Een uitmuntend dichter wordt iemand die al deze regels met een zekere mate van nonchalance kan inzetten om de boodschap van het gedicht kracht bij te zetten.

Marijnissen draagt minder een losse boodschap dan een algehele filosofie uit in elk van zijn gedichten. De filosofie van de waardenvolle (mét tussen -n-) kwinkslag. En met af en toe een directe verwijzing naar de filosofie zelf.

‘Zonder opgaaf van redenen’ (kijkend naar de vrij serieuze inhoudsopgave is de titel van zijn nieuwste bundel zelf al een kwinkslag) bestaat uit vijftig gedichten, verdeeld over zeven hoofdstukken: Vergeving, Beweging, Omgeving, Genezing, Beleving, Land van herkomst en Overleving.

Zeven hoofdstukken. Zeven wereldwonderen. Zeven werken van barmhartigheid. Zeven hoofdzonden. Zeven sacramenten van de Rooms-Katholieke kerk. Zeven schoonheden.

De eerste twee zinnen van het eerste gedicht in de bundel zijn veelzeggend en veelbelovend en dragen reeds de poëtische kwinkslag als de basisgedachte van Marijnissens filosofie in zich:

Ik ben niet thuis nu,
zelden trouwens.

Maar Marijnissen zal Marijnissen niet zijn als hij van aanvankelijke luchtigheid in enkele strofes een in prachtige taal verpakte filosofische beschouwing weet te maken. De een-na-laatste strofe van hetzelfde gedicht:

Elk huis
kan een thuis zijn
en is het zelden,
deuren en vensters
sluiten niets uit.

De dichter grijpt met het woord ‘zelden’ terug naar de tweede regel van de eerste strofe en versterkt daarmee het gevoel van onrust. Of van een queeste (‘ik ben zelden thuis, een huis is zelden een thuis’) zonder een zekere (taalfilosofische) belofte uit het oog te verliezen die hij in de laatste strofe verwoordt:

Spreek vrijuit.
We zullen elkaar
nog nodig hebben.

Bij Marijnissen staat taal voor vrijheid. Vrijheid die onrust veroorzaakt, en die (enkel?) door taal hanteerbaar blijft.

Het zesde hoofdstuk (waarvan de titel bij de andere titels uit de toon valt – en met reden -) bestaat uit zes genummerde gedichten en één – het laatste – ongenummerd gedicht. Dit hoofdstuk vormt mijns inziens de apotheose van de bundel waarbij de kracht van taal, onrust, queeste, leed en troost het duidelijkst aanwezig is.

De bundel leent zich – althans, bij eerste lezing – wellicht minder goed om in te grasduinen. Hij komt beter tot zijn recht als hij van a tot z gelezen wordt.

Wie ‘Zonder opgaaf van redenen’ niet in de boekenkast heeft staan, bezorgt zichzelf pech.

Hans F. Marijnissen is geen goede dichter.
Hij is een uitmuntend dichter.

Val aan, dromer.

Rick van der Made

Zonder opgaaf van redenen (hardcover)

De kunst van het uitgeven

(Feed generated with FetchRSS)